Tendai

Tendai

Tendai boeddhisme combineert Indiase en Chinese filosofische en religieuze ideeën. Op basis van de gedachte van de Indiase boeddhistische filosoof Nāgārjuna (ca. 150-250) en het concept van shunyata. Tendai boeddhisme werd gesticht door Zhiyi (538-597), een Chinese geleerde-monnik en meditator die woonde in het Tiantai gebergte in China.

Geschiedenis

Tijdens zijn verblijf op de berg, begon hij met het bestuderen van de leer van de tiantai-school en daardoor geïnspireerd besloot Saichō in 804 mee te gaan met een konvooi naar China en in de leer te gaan bij de tiantai-monniken. Als hij in 805 terug in Japan aankomt, bezit hij dan ook de hele historische en filosofische kennis van de tiantai-school. In 806 wordt door het keizerlijke hof het bestaan van de tendai-school officieel toegestaan.

Het is dankzij het werk van de monnik Saicho (767-822) die in de Todai-ji tempel in Nara trainde dat Tendai zich kon vestigen in Japan. Reeds 3 maanden nadat hij tot priester werd benoemt keerde hij terug naar zijn geboortestreek Omi en bouwde daar op de berg Hiei (Hiei-zan) een kluizenaarshut. Hij zou echter niet lang als kluizenaar leven want de plek groeide uit tot een van de grootste boeddhistische tempels van Japan, namelijk de Enryaku.

Tijdens de Sengoku (1467-1573 – tijdperk van een land in staat van oorlog), stond de tendaischool op de rand van de afgrond. De school had op dat moment grote regimes van hun sohei (krijgermonniken) in hun tempels. In 1571 versloegen de legers van Nobunaga de sōhei op de berg Hiei. De meeste monniken werden vermoord en de tempel werd platgebrand. Ook vele andere scholen waren hetzelfde lot beschoren. De opvolger van Oda Nobunaga, Hideyoshi Toyotomi, bracht een eind aan de Sengoku-periode. Onder zijn bewind kregen een aantal boeddhistische scholen hun bestaansrecht terug. Ook de Tendai school mocht zich dan terug opbouwen. Dit alles gebeurde echter onder een strikte regeling door de shogun.

In de Edoperiode (1603-1868) konden onder het tokugawa-bewind de verschillende boeddhistische scholen verder groeien dankzij monetaire steun van de staat. Hun ontwikkeling en groei werd echter wel beperkt door het bakufu (regeringsvorm). De ontwikkeling van tendai heeft in deze periode dan ook stil gestaan.

Als de grenzen in de Meiji (vanaf 1868) weer opengaan ontwikkelt het Japanse boeddhisme zich weer. De scholen waren tot dan strikt verbonden met het Bakufu en er werden dan ook een reeks maatregelen genomen om die vroegere banden volledig te doorbreken of de scholen in diskrediet te brengen.

Een voorbeeld van een dergelijke regeling was de afschaffing van het celibaat voor de monniken. De Japanse overheid dacht namelijk dat dit ervoor zou zorgen dat de monniken in diskrediet zouden worden gebracht bij de bevolking. Maar in tegenstelling tot wat de overheid hoopte te bereiken, werden de monniken er populairder door omdat ze op die manier beter geïntegreerd waren in het dagelijkse leven.

Na de Tweede Wereldoorlog werden er ook tempels opgericht buiten Japan en doordat ook niet Japanse leden aanvaard werden kon de tendai-school ook buiten Japan groeien. Zo verspreidde het zich naar Korea (Cheontae), Vietnam (Thien thai) en het Westen.

Dharma

Het doel van de tiantai-leer was om de belangrijkste boeddhistische filosofieën te verenigen door de filosofie van ‘Eén Voertuig’ (eka-yana). De Lotussutra was, volgens de stichters daarvoor het beste middel.

Een aantal kenmerken van de tendai-dharma zijn:

  • Alle wezens hebben het oneindige potentieel om samen de Waarheid te ontdekken.
  • ‘De waarheid van de tussenweg’; een persoon is Leeg, maar heeft tegelijkertijd een tijdig bestaan.
  • Onderlinge verbondenheid. ‘3000 Activiteiten in 1 moment’; bij elke gedachte dat we hebben spelen er 3000 losse fenomenen mee. Onze gedachten breiden zich dan ook uit en gaan zich verspreiden naar andere personen en uiteindelijk de gehele kosmos. Het komt er dus op neer dat een gedachte niet alleen de denker beïnvloedt, maar ook anderen en zelfs gehele samenlevingen. Deze beïnvloeding kan zowel negatief als positief zijn.
  • ‘Verlicht een hoekje van de wereld’ (ichigu wo terasu); is een verbintenis tot intensief boeddhisme.Het houdt in dat je anderen zal ondersteunen als was het jezelf, dat je jezelf, je tijd en je bezittingen geeft voor het welzijn van anderen.
  • Bodhisattva-ideaal; degene die zelf besluiten om verlichting uit te stellen om zo andere te kunnen helpen. De verlichting (boddhichitta) bereiken is een doel voor allen op het bodhisattva-pad.

Sangha

O.a. onderstaande monniken behoren tot de tendai-sangha:
Naam:Andere benaming:Periode:Discipel van:Meester van:Functie:
SaichōDengyō Daishi767-822Stichter
Hōnen1133-1212Stichter* Jōdo-shū-school (pure land school)
Shinran1173-1262HōnenStichter* ‘ware school van het reine land
NichirenNichiren Shonin, Nichiren Daishonin, Zeshō-bō Renchō1222–1282Dozen– Nisshō
- Nichirō
- Nikkō
- Nikō
- Nitchō
– Nichiji
Stichter* nichiren-boeddhisme
Enkū1632-1695

* Stichters die begonnen zijn als tendai-monnik

Geraadpleegde bronnen:
Wikipedia
Tendai Buddhist Institute

Reacties zijn gesloten.